Fonds voor hartchirurgie
nl | fr

Ter nagedachtenis aan een joods meisje

JPEG - 53.3 kB

Olga Kouperman, Jacquelines moeder, werd op 3 februari 1906 in Parijs geboren als telg van uit Duitsland afkomstige ouders. Haar vader had de leiding over een blikslagerij en haar moeder was naaister. Tijdens de Eerste Wereldoorlog vestigde het gezin Kouperman zich in Brussel, waar de vader een dochterbedrijf van zijn Parijse fabriek oprichtte. In 1933 trouwde hun
dochter Olga met Paul Bernheim, briljant ingenieur die aan de Universiteit van Luik was afgestudeerd en algauw werd aangesteld als hoofdingenieur bij Sofina. Hun dochtertje Jacqueline werd geboren op 11 mei 1938. Twee jaar later vallen de Duitsers België binnen.

Door de oorlog slaan honderdduizenden mensen op de vlucht waaronder ook het gezin Bernheim-Kouperman, dat in juni in Bayonne belandt. Bij het Spaanse Consulaat krijgen ze een inreisvisum voor Spanje en Portugal, maar wordt geen gebruik van gemaakt. Waarom?
Weten zullen we het nooit. Het hele gezin vestigt zich dan in Cahors, in het departement Lot (toen vrije zone): Olga Bernheim en haar man, haar moeder, haar broer, de kleine Jacqueline en de kinderverzorgster. Deze laatste keert terug naar België na de ouders (vergeefs) gesmeekt te hebben om haar Jacqueline toe te vertrouwen en voor haar een veilig onderkomen te verzekeren. Het gezin leidt in Cahors een nagenoeg normaalbestaan en onderhoudt beleefde betrekkingen met de plaatselijke overheden die op de hoogte zijn van hun situatie. Jacqueline gaat er onder haar eigen naam naar school.

Maar het hele gezin wordt na verklikt te zijn, op 7 mei 1944 opgepakt met uitzondering van Olga’s broer, die hier als bij wonder aan wist te ontsnappen. Olga en de rest van het gezin wordt overgebracht naar Drancy en op 15 mei gedeporteerd naar Auschwitz, waar Olga’s grootmoeder en de kleine Jacqueline direct worden vergast. Over het lot van Paul Bernheim tast men in het duister. Olga overleeft als enige van het gezin het kamp en de dodenmars. Zij zou
zich pas vele jaren later hebben neergelegd bij het verlies van haar dochtertje, want er is in haar correspondentie een brief van juli 1952 gevonden waarin wordt verwezen naar een destijds lopend onderzoek naar gedeporteerde kinderen.

Olga Bernheim is nooit hertrouwd en kreeg evenmin nog een kind. Ze wijdde zich daarna aan haar passie voor schilderkunst en aan sociale activiteiten. Ze schonk het grootste deel van haar vermogen aan diverse caritatieve instellingen waaronder het Fonds voor Hartchirurgie.
Uit dankbaarheid voor het geschonken legaat en met de wens om de nagedachtenis aan dit joodse meisje als slachtoffer van de genocide te vereeuwigen, heeft de Raad van Bestuur van het Fonds de Wetenschappelijke Jacqueline Bernheimprijs voor het eerst in 1998 toegekend.

 

Alle news lezen

Contact

Fonds voor Hartchirurgie
Tenbosstraat 11 - 1000 Brussel
T.02 644 35 44 - F. 02 640 33 02
info@hart-chirurgie-cardiaque.org
IBAN BE15 3100 3335 2730
BIC: bbrubebb